logo CTB Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (KANTL)
Koningstraat 18
b-9000 Gent
Belgium
email: ctb@kantl.be
tel: +32 (0)9 265 93 50
fax: +32 (0)9 265 93 49

Het CTB publiceert jaarlijkse een verslag over de activiteiten in het Jaarboek van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. De tekst van dat jaarverslag wordt ook op de website van het CTB gepubliceerd.

[jaarverslag 2000] [jaarverslag 2001] [jaarverslag 2003] [jaarverslag 2004] [jaarverslag 2005] [jaarverslag 2006] [jaarverslag 2007]

Verslag over de activiteiten van het Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie in 2002

Edward Vanhoutte – Coördinator CTB

edward.vanhoutte@kantl.be


  1. Inleiding
  2. Tweede werkjaar 2001-2002 (01/01/2002-30/09/02)
    1. Muzikaal erfgoed
    2. Literair erfgoed
    3. Projectondersteuning
  3. Tussenperiode 01/10/02-31/12/02
    1. Muzikaal erfgoed
    2. Literair erfgoed
    3. Projecten
  4. Wetenschappelijke werking
    1. Publicaties
    2. Colloquia en studiedagen
    3. Seminars in Electronic Editing
    4. Workshop
    5. Onderzoeksverblijven
    6. Onderwijs
    7. CTB Prijs voor Teksteditie 2002
    8. Samenwerking
  5. Publiekswerking
    1. Website
    2. Evenementen
  6. Administratieve werking
    1. Personeel
    2. Communicatie
    3. Secretariaat

1. Inleiding

Het nieuwe werkjaar 2003 van het Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie werd op 4 december 2002 onder een ruime belangstelling plechtig geopend in het Academiegebouw. Op het programma stonden, na de verwelkoming door Prof. dr. Karel Porteman, voorzitter van de KANTL, een pianorecital door Heli Jakobson met werk van Grieg en Skrjabin, de gastlezing 'Conscience, de leeuw en een lusthof vol muziek' door Jan Dewilde, een stand van zaken door Edward Vanhoutte onder de titel 'Het CTB: Wat het eertyds was - wat het nu is - en nog meer wat het worden zal', en de uitreiking van de CTB Prijs voor Teksteditie aan Nele Bemong voor haar eindverhandeling De Briefwisseling tussen Stijn Streuvels (1871-1969) en Joris Lannoo (1891-1971) uit 1925.

Met dit van muziek doorspekte programma rond Hendrik Conscience nam het CTB zowel afscheid van het jaar waarin de tekstkritische editie van Hendrik Conscience's De Leeuw van Vlaenderen werd voltooid en gepubliceerd, als van het muzikale erfgoed als specifiek onderzoeksgebied. Het Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie zal zich vanaf 2003 concentreren op de teksteditie en de ontsluiting van het Vlaamse literair en intellectueel erfgoed.

Dit verslag over de werking van het Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (CTB) rapporteert over het tweede deel van het tweede werkjaar dat liep van 1 oktober 2001 tot 30 september 2002, en de overgangsperiode die liep van 1 oktober 2002 tot 31 december 2002. (Zie voor een verslag over de werkzaamheden in 2001: Georges De Schutter (red.), Jaarboek 2002 van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, p. 47-52).

In 2002 ging de aandacht uit naar vijf specifieke gebieden:

  1. Het afwerken van lopende onderzoeksprojecten.
  2. Het opstarten en uitvoeren van nieuwe projecten.
  3. Het aantrekken en opstarten van nieuwe projecten voor het derde werkjaar (2002-2003).
  4. Het aanwerven van medewerkers voor de uitvoering van de nieuwe projecten.
  5. De bevestiging en uitbouw van de administratieve en wetenschappelijke werking van het CTB met een nadruk op de interne en externe communicatie.

2. Tweede werkjaar 2001-2002 (01/01/2002-30/09/02)

Op 30 september 2002 waren vier van de vijf projecten die door de Gemengde Commissie voor Teksteditie en Bronnenstudie (GCTB) in de vergadering van 26 juni 2001 werden goedgekeurd voor uitvoering in het werkjaar 2001-2002 afgerond. Wat het literaire erfgoed betreft, werd er gewerkt aan de uitgave van de briefwisseling Stijn Streuvels met zijn uitgevers; de ontsluiting van het archief van het Nieuw Vlaams Tijdschrift (1946-1983); en de wetenschappelijke ontsluiting van de verspreide briefwisseling en handschriften van de Vlaamse medewerkers van 't Fonteintje (1921-1924). Wat het muzikale erfgoed betreft, werd er gewerkt aan de ontsluiting van het archief van de Maatschappij der Nieuwe Concerten van Antwerpen en de ontsluiting van de brieven van Edgar Tinel (1854-1912). Het laatste project werd voor drie maanden onderbroken wegens het zwangerschapsverlof van de projectmedewerkster en werd op 31 januari 2003 afgewerkt.

Na een voorbereidende periode van ruim een jaar, werd het projectondersteunend ICT project Digital Archive of Letters by Flemish authors and composers from the 19th & 20th century opgestart. Tevens werd het ad-hoc project De Leeuw van Vlaenderen: tekstkritische editie succesvol afgerond met een publicatie en een voorstelling op 5 november 2002. De voorbereiding van de uitgave van de briefwisseling van Herman de Coninck, dat als extern project wordt gefinancierd met een bijkomende toelage vorderde goed in 2002.

2.1. Muzikaal erfgoed

Het project rond het archief van de Maatschappij der Nieuwe Concerten van Antwerpen (uitvoerder: Jan Dewilde, promotor W. Michaël Scheck) kreeg tijdens de uitvoering van het project zijn definitieve titel: De Maatschappij der Nieuwe Concerten van Antwerpen: Lodewijk Mortelmans en De Kapel. In een eerste fase werd het archief van de Maatschappij der Nieuwe Concerten, zoals het bewaard wordt in de bibliotheek van het Koninklijk Vlaams Conservatorium in Antwerpen, beschreven en geïnventariseerd in een database. Op die manier werd het archief ontsloten en toegankelijk gemaakt. Dit is absoluut noodzakelijk om een goed beeld te verkrijgen van de interne organisatie en van de impact van deze belangrijke Antwerpse concertvereniging. Zo is het bijvoorbeeld duidelijk dat de Maatschappij der Nieuwe Concerten, dank zij haar goede contacten met dirigenten, zangers en instrumentalisten, ook zwaar woog op het Brusselse concertleven. Voorts wordt uit de vele brieven van dirigent Lodewijk Mortelmans de orkestpraktijk uit de eerste decennia van de 20ste eeuw duidelijk. In een tweede fase ging de projectuitvoerder op inspectie om nieuw materiaal te lokaliseren. Zo werd in een privé-archief een deel van de correspondentie terug gevonden tussen Lodewijk Mortelmans en Henri Fester, de voorzitter van de Maatschappij der Nieuwe Concerten. Die brieven werpen een nieuw licht op het conflict tussen Mortelmans en de Maatschappij dat een verklaring biedt voor de vervanging na de eerste wereldoorlog van Mortelmans als dirigent door Lodewijk De Vocht. Uit deze brieven wordt namelijk duidelijk dat Mortelmans alle concerten zelf wilde dirigeren en liever geen gastdirigenten naast zich zag. Het bestuur van de Maatschappij der Nieuwe Concerten wilde op dat punt niet toegeven. Begrijpelijk, want dankzij de internationale contacten van Ernest Van Dijck kon de concertvereniging wereldberoemde dirigenten als Gustav Mahler naar Antwerpen halen. Dit project zal uiteindelijk resulteren in:

  1. Een beschrijving van het muziekaandeel in de activiteiten van de Kapel (concerten, muzikale opluistering van manifestaties, de rol van musici in de Kapel);
  2. Een gedetailleerde historiek van de Maatschappij der Nieuwe Concerten (met een exhaustieve lijst van de concerten);
  3. Een beschrijving van de rol die de componist en dirigent Lodewijk Mortelmans in zowel de Kapel als de Maatschappij der Nieuwe Concerten heeft gespeeld;
  4. Een uitgebreide inventaris van het archief van de Maatschappij der Nieuwe Concerten.

De projectresultaten zullen gepubliceerd worden in twee hoofdstukken van het op stapel staande boek over De Kapel (red. Stijn Vanclooster).

Het project Ontsluiting van de brieven van Edgar Tinel (1854-1912) (uitvoerster: Nele Verstraeten, promotor: Bernard Huys) inventariseerde en ontsloot 4.316 documenten uit de collectie van de afdeling Muziek van de Koninklijke Bibliotheek Albert I via het VUBIS systeem. De catalogus is te raadplegen via de opac van de Koninklijke Bibliotheek <http://opac.kbr.be/nkbr1.htm>. De grote verzameling waardevolle documenten rond de figuur van de Vlaamse componist Edgar Tinel werd in 1981 door de KB verworven en omvat zowel autografische muziekhandschriften, gedrukte partituren, boeken over muziek als brieven van de componist en zijn tijdgenoten, een rijke iconografie en een omvangrijke collectie concertprogramma's en -recensies. Dit project concentreerde zich op de verzameling autografische brieven. De volgende stappen werden hierbij doorlopen: de brieven werden per geadresseerde (d.i. bij de brieven van Edgar Tinel) of per briefschrijver (d.i. bij de brieven aan Edgar Tinel) gerangschikt en vervolgens chronologisch geordend; elk document kreeg een identificatienummer; elk document werd beschreven en geïnventariseerd volgens de regels voor het beschrijven van handschriftelijk materiaal in VUBIS. Zo werden bijvoorbeeld de briefwisselingen van zijn uitgever Breitkopf & Härtel en enkele andere uitgevers (Fürstner, Ries & Erler, - Desclée, H. Lemoine en Schott), Jan Blockx, Constance Teichmann, en van Kardinaal Mercier aan Edgar Tinel beschreven, evenals de brieven van Edgar Tinel aan de familie Alberdingk-Thym. Er werd ook een inspectieronde ondernomen naar briefwisseling van en aan Edgar Tinel die zich in andere archieven bevinden (v.b. in het AMVC-Letterenhuis). Het project zal uiteindelijk resulteren in:

  1. De ontsluiting van 4.316 documenten via de on-line catalogus van de KB;
  2. Een inventaris op de briefwisseling van en aan Edgar Tinel die bewaard wordt in de KB. Die uitgave wordt een co-productie met de Afdeling Muziek van de Koninklijke Bibliotheek.

2.2. Literair erfgoed

Het project Stijn Streuvels en zijn Nederlandstalige uitgevers. Uitgave van de briefwisseling (uitvoerster: Joke Debusschere, promotor: Marcel De Smedt) wil, meer dan alleen de inventarisatie van de briefwisseling tussen Stijn Streuvels (1871-1969) en zijn uitgevers, de inhoudelijke ontsluiting en een wetenschappelijk verantwoorde, elektronisch-kritische editie van het epistolaire erfgoed voortbrengen. (De correspondentie tussen Streuvels en de Amsterdamse uitgeversmaatschappij Veen kan echter niet in de editie opgenomen worden vanwege een expliciete claim op het materiaal door het Constantijn Huygens Instituut in Nederland.). In het tweede projectjaar werd de briefwisseling met Vlaamse uitgevers als het Davidsfonds (Leuven), Zonnewende (Kortrijk), Wiek Op (Brugge), Regenboog (Borgerhout), Excelsior (Brugge), Het Kompas / De Spieghel (Mechelen), Standaard Boekhandel (Antwerpen) en met Nederlandse uitgevers als Brand (Hilversum), Meulenhoff (Amsterdam), en De Gemeenschap (Utrecht) getranscribeerd, geëditeerd en geannoteerd. Het gaat hierbij om een corpus van ca. 600 brieven, uit de collectie van het AMVC-Letterenhuis, het KADOC en enkele privé-collecties. Het materiaal wordt aangemaakt in TEI-compliant XML (eXtensible Markup Language) m.b.v. de DALF DTD die door het CTB (Edward Vanhoutte & Ron Van den Branden) speciaal werd ontwikkeld voor de transcriptie en beschrijving van modern briefmateriaal. Het uiteindelijke resultaat wordt een elektronische editie van de briefwisseling tussen Stijn Streuvels en zijn Nederlandstalige uitgevers (ca. 1.800 brieven) die op CD-ROM zal verschijnen.

Het project Nieuw Vlaams Tijdschrift (1948-1983). Ontsluiting van het archief (uitvoerder: Bert Van Raemdonck, promotor: Leen van Dijck) dat over de voorbije twee werkjaren liep, werd succesvol afgerond met de ontsluiting van meer dan 100 handschriften en de inventarisatie van meer dan tienduizend brieven in Agrippa, de on-line catalogus van het AMVC-Letterenhuis. Daarmee is het NVT archief van de periode 1946-1980 volledig ontsloten. De beschrijving van de brieven gebeurde gedetailleerd: naast de correspondenten en de datering zijn gegevens over de aard en de materie van de brieven opgenomen in die beschrijving. Vaak is ook het onderwerp bondig samengevat. Die beschrijving maakt van het archief een snel en efficiënt te doorzoeken corpus, dat een schat aan informatie kan opleveren. Uit praktische overwegingen werd het project beperkt tot het jaar 1980 in plaats van 1983. Over de laatste drie jaargangen is er bijzonder weinig correspondentie bewaard, die dan nog vooral van administratieve aard is. Een klassering en een nummering voor die brieven is daarom voorlopig zinloos. Het AMVC-Letterenhuis hoopt dankzij een schenking alsnog het archief te vervolledigen, zodat pas dan een beschrijving in Agrippa zinvol wordt. De projectmedewerker ontsloot het archief niet alleen materieel maar ook al voor een deel inhoudelijk door de publicatie van bijdragen in tijdschriften en de medewerking aan colloquia. Naast de tot hier toe vermelde resultaten, zal eind 2003 een kroniek van het NVT verschijnen onder de titel "Allemaal zeep aan onze zolen." Kroniek van het Nieuw Vlaams Tijdschrift (1946-1950). Dit gebeurt in co-productie met het AMVC-Letterenhuis. Dit boek volgt het reilen en zeilen van de NVT-redactie gedurende de eerste vijf jaargangen (1946-1950) en sluit af met de eerste uitreiking van de Arkprijs van het Vrije Woord, een prijs die vandaag nog altijd wordt uitgereikt. Vooraf wordt uitvoerig belicht hoe het NVT eigenlijk een voltooiing is van de plannen die August Vermeylen al tijdens 1943 had om een nieuw tijdschrift in het leven te roepen. De naam van dat blad was Diogenes. Het boek bestaat enerzijds uit kalenders (1943-1950), waarin allerlei 'verhaallijnen' naar boven komen dankzij talloze citaten uit de redactionele correspondentie, en anderzijds uit beschouwende hoofdstukken, die al die 'lijnen' tot een consistent 'verhaal' samenbrengen.

Het project Wetenschappelijke ontsluiting van de verspreide briefwisseling en handschriften Vlaamse medewerkers 't Fonteintje (1921-1924) (uitvoerder: Stijn Vanclooster, promotor: Leen van Dijck) omvatte twee fasen. In een eerste fase werden alle in het AMVC-Letterenhuis bewaarde handschriften van de redacteuren en medewerkers van 't Fonteintje (1921-1924) geïnventariseerd en ontsloten (alle autografen van Richard Minne, Maurice Roelants, Karel Leroux, Jan Melis, Urbain van de Voorde, Firmin Van Hecke, Hendrik Coopman, Willem Putman en Joris Vriamont.) In een tweede fase werden de handschriften van de medewerkers van Forum (1932-1935) ontsloten en geïnventariseerd (autografen van Willem Elsschot, Gerard Walschap, Jan van Nijlen, Jan Vercammen, N.A. Drojine (A.G. Christiaens), Marcel Matthijs, René Verbeeck, Van Uytvanck, Karel Jonckheere, Karel Vertommen, Victor Brunclair, P.G. Buckinx, Amand Simoens, Paul Rogghé, Bert Decorte, Fritz Francken, Paul van de Woestijne, Max Lamberty, René Berghen, August Vanhoutte en J. Verbruggen). De ontsluiting en inventarisatie gebeurde in Agrippa. Daarbij werden ook andere dossiers bij de ontsluitingsopdracht betrokken zoals dat van het nieuw ontdekte studententijdschrift Moderne Kunst, dat niet alleen een nieuwe record in de klapper kreeg toebedeeld, maar waarrond ook handschriften van diverse niet-Fonteiniers moesten worden verwerkt (Jozef Muls, Gaston van de Veegaete,...). Tot nog toe werd er aangenomen dat dit blad dat Maurice Roelants in zijn studententijd aan de Gentse Normaalschool tussen 1912 en 1913 uitgaf, niet bewaard was gebleven. De vondst betreft een twaalftal met de hand volgeschreven en mooi geïllustreerde schoolschriftjes, waarvan elke drie maanden één exemplaar werd uitgegeven. Bekend geworden medewerkers aan Moderne Kunst waren naast Roelants onder anderen Raymond Herreman en Achilles Mussche. In het blad treffen we hun eerste poëzie, verhalend proza en kritische beschouwingen aan. De op heden onontdekte periodiek Moderne Kunst kunnen we beschouwen als een bescheiden voorafschaduwing van 't Fonteintje, waarvan Maurice Roelants en Raymond Herreman later (samen met Richard Minne en Karel Leroux) redacteuren zouden zijn. We stellen vast dat in de tegenhanger van Ruimte heel wat elementen te vinden zijn die de Fonteiniers al veel vroeger, m.n. tijdens hun studententijd, bezighielden. Het opduiken van een bron als Moderne Kunst is een fraai nevenaspect, dat aantoont welke verrassingen een inventarisatie-opdracht kan opleveren - zo wordt eigenlijk aangetoond dat alle bewaarde handschriften (zij het natuurlijk volgens prioriteiten) het verdienen te worden beschreven. Zonder een grondige inventarisatie van de Roelants-handschriften zou bijvoorbeeld het verloren gewaande tijdschrift nog ongeweten in de kelders van het AMVC-Letterenhuis liggen.

Het project Herman de Coninck: Brieven (uitvoerster: Annick Schreuder, promotor: Kristien Hemmerechts) startte op 1 juni 2002 en loopt tot eind oktober 2003. Dit project is in vele opzichten uitzonderlijk, niet in het minst omdat het hier de briefwisseling betreft van een recent gestorven auteur. De naar schatting 15.000 brieven van en aan De Coninck die in het AMVC-Letterenhuis worden bewaard, vormen het uitgangspunt voor de opbouw van een corpus waaruit geselecteerd zal worden voor opname in het uiteindelijke resultaat: een brievenboek dat in 2004 moet verschijnen bij De Arbeiderspers en waarbij de veelzijdigheid van Herman de Coninck als briefschrijver centraal staat. In dit werkjaar werd het materiaal voor het grootste deel gelezen en gerangschikt. Ontbrekende briefwisselingen en aanvullingen werden opgespoord en er werd getracht de brieven of kopieën er van in te zien of te verwerven. Een redactieraad bestaande uit Kristien Hemmerechts, Piet Piryns, Benno Barnard en de projectmedewerkster komt geregeld samen om het verwerkte materiaal te bespreken en te selecteren voor het boek. De privacy-problematiek, inherent aan een dergelijk project met recente briefwisseling en onderhevig aan de wetgeving ter zake, vormt een groot punt van aandacht bij de uitvoering van dit project en stelt restricties aan de selectie van het materiaal. De Coninck lardeerde ook zijn zakelijke brieven nogal eens met persoonlijke ontboezemingen en beslommeringen. Daarbij gaat het er niet zozeer om wat er op juridische gronden (i.v.m. de auteursrechtenwetgeving) gepubliceerd zou kunnen worden, maar hoe om te springen met passages die voor de betrokkenen pijnlijk of te intiem zouden kunnen zijn.

Op vraag van uitgeverij Lannoo bereidde Edward Vanhoutte in 2001-2002 een tekstkritische leeseditie voor van Hendrik Conscience. De Leeuw van Vlaenderen of de Slag der Gulden Sporen die op 5 november 2002 werd voorgesteld op de Consciencetentoonstelling in het AMVC-Letterenhuis. Dirk Demuynck (Lannoo), Marcel De Smedt en Tom Naegels namen het woord.

2.3. Projectondersteuning

Het project DALF staat voor Digital Archive of Letters written by Flemish authors and composers in the 19th and 20th century (projectuitvoerders: Ron van den Branden & Edward Vanhoutte). Het is bedoeld als lange-termijnproject waarbinnen een groeiende verzameling (textbase) wordt aangelegd van elektronische edities van de correspondentie van Vlaamse schrijvers en componisten uit de 19de en 20ste eeuw. Een vereiste van deze tekstverzameling is de mogelijkheid om ze zo breed mogelijk te kunnen ontsluiten, zowel wat betreft mogelijke eindproducten (verschillende presentatievormen) als gebruiksvormen (openheid m.b.t. uiteenlopende onderzoeksdoeleinden zoals literaire kritiek, geschiedenis, linguïstiek). Om een dergelijke openheid en dus maximale (her)bruikbaarheid van elk van de elektronische brievenedities te kunnen garanderen, moet eerst een algemeen technisch raamwerk worden ontwikkeld waarbinnen DALF-projecten kunnen worden opgenomen. Een eerste fase in de ontwikkeling van een raamwerk voor DALF-projecten bestond uit het vastleggen van een formaat voor de elektronische opmaak van brieven (gedefinieerd in XML onder de vorm van een extensie op de TEI DTD's). De resultaten van deze eerste fase werden voorgesteld op het Seminar in Electronic Editing van het CTB op 6 september 2002, en op het internationale colloquium Digital Resources for the Humanities 2002 aan de universiteit van Edinburgh, waar heel wat internationale belangstelling bleek voor het opzet van het project en de gemaakte voorstellen. Projectsite: <http://www.kantl.be/ctb/project/dalf/>

3. Tussenperiode 01/10/02-31/12/02

In de vergadering van de Gemengde Commissie voor Teksteditie en Bronnenstudie (GCTB) van 9 juli 2002 werden 4 nieuwe projecten i.v.m. het muzikale erfgoed en 8 nieuwe projecten i.v.m. het literaire erfgoed gerangschikt voor uitvoering in het werkjaar 2002-2003:

3.1. Muzikaal erfgoed

Projecttitel Maanden Promotor
O Allemagne! O Allemagne! De Duitse brieven van Peter Benoit. 12 W. Michaël Scheck
Documentatie van het muziekarchief van het Instituut voor Psychoacustica en Elektronische muziek (IPEM). 24 Marc Leman
Matrix. Bewaring, ontsluiting en bestudering van het meest recente Vlaams muzikaal erfgoed. 24 Mark Delaere
Leven en werk van Martin Lunssens (1871-1944) - cultuurhistorische situering. 12 Roos Van Driessche

3.2. Literair erfgoed

Projecttitel Maanden Promotor
Geannoteerde editie van de brieven van Karel van de Woestijne aan Emmanuel de Bom. 24 Anne Marie Musschoot
Spelen van Sinne. Tekstuitgave van de editie Willem Silvius (Antwerpen, 1562), f.A1r-3B1v. 12 Werner Waterschoot
De briefwisseling tussen Maurice Gilliams en Emmanuel de Bom ontsloten en geëditeerd. 12 Leen van Dijck
Briefwisseling van Stijn Streuvels met zijn Duitstalige uitgevers. 24 Marcel De Smedt
Geannoteerde leesuitgave van Ivo Michiels' literatuurkritische opstellen in Het Handelsblad (november 1948). 6 Yves T'Sjoen
Het archief van de 'Gentse' Academie als bron van cultuur- en literatuurhistorisch onderzoek. 12 Marijke De Wit
De elektronische editie van de correspondentie en tegen-correspondentie van Louis Paul Boon. 24 Kris Humbeeck

Verder werd er administratieve ondersteuning toegezegd aan het project Leesuitgave van: Stijn Streuvels, Levensbloesem (1937) dat onder auspiciën van het CTB wordt verzorgd door Marcel De Smedt.

3.3. Projecten

Door de oprichting van het Vlaams Muzikaal Erfgoed (VME) als expertisecentrum op het vlak van het Vlaamse muzikaal erfgoed, werd de opdracht van het CTB bijgesteld en vervielen de gerangschikte muzikale projecten.

Wegens het uitblijven van de subsidie voor 2002-2003 en de malaise omtrent het decreet op de privaatrechterlijke archieven waaronder het CTB nu eens wel en dan weer niet zou kunnen gesubsidieerd worden, kon initieel geen enkel project worden aangevat per 1 oktober. Dankzij een subsidie van € 200.000 van het Vlaams Fonds voor de Letteren konden de volgende twee projecten, na een selectie van de Raad van Deskundigen van het Fonds, toch op 1 oktober starten:

De overige gerangschikte projecten zullen volgens hun rangschikking en volgens de beschikbare kredieten in de loop van de volgende projectjaren aangevat worden.

Het project Geannoteerde editie van de brieven van Karel van de Woestijne aan Emmanuel de Bom (uitvoerder: Bert Van Raemdonck, promotor: Anne Marie Musschoot) begon met het verzamelen van materiaal (ca. 400 brieven uit de periode 1896-1928), het inlezen in de materie en het maken en collationeren van een afschrift. Van het leeuwendeel van de correspondentie beschikt het AMVC-Letterenhuis, waar het volledige corpus is bewaard, een getypt en ten dele gecollationeerd afschrift op papier. Omdat de beoogde editie een CD-ROM, en dus een elektronische uitgave is, zijn de bestaande afschriften van weinig nut. Het scannen ervan is vanwege het arbeidsintensieve proces om alle fouten achteraf te corrigeren ontoereikend gebleken. Daarom is geopteerd om een nieuw (elektronisch) afschrift te maken. Cindy Holtyzer (secretariaat CTB) neemt die taak grotendeels op zich. Tijdens een eerste lectuur van de correspondentie zijn aantekeningen gemaakt om met het annoteren te kunnen starten.

Net als het vorige Streuvels brievenproject wil het project Briefwisseling van Stijn Streuvels met zijn Duitstalige uitgevers (uitvoerster: Joke Debusschere, promotor: Marcel De Smedt) opnieuw, meer dan alleen de verdere inventarisatie van de briefwisseling tussen Stijn Streuvels en zijn uitgevers, vooral de inhoudelijke ontsluiting en een wetenschappelijk verantwoorde, elektronisch-kritische editie van dit epistolaire erfgoed voortbrengen. In deze tussenperiode werden 165 brieven uit de correspondentie tussen Stijn Streuvels en Adolf Spemann (Engelhorn Verlag, Stuttgart) getranscribeerd, geëditeerd en voor een deel geannoteerd.

Beide projecten worden uitgevoerd volgens de richtlijnen van het DALF project. De brieven worden getranscribeerd in XML volgens de DALF DTD die op 23 december 2002 werd gepubliceerd als discussion draft op de DALF website: <http://www.kantl.be/ctb/project/dalf/>.

In deze tussenperiode werd er vanzelfsprekend verder gewerkt aan het De Coninck brievenproject.

4. Wetenschappelijke werking

4.1. Publicaties

In 2002 publiceerden de medewerkers van het CTB 4 monografieën en 40 artikels in tijdschriften en boeken, ze hielden 11 lezingen in binnen- en buitenland, en verzorgden 3 gastcolleges in het buitenland. De volledige lijst is te raadplegen op <http://www.kantl.be/ctb/pub/>.

Het CTB verleende zijn medewerking aan de realisatie van de publicatie Richard Minne en Frits Van den Berghe. Een tong van lijntses. Geannoteerde leeseditie van de Brieven van Pierken (1931-1935) Bezorgd door Vincent Neyt. (Gent: KANTL, 2002. Boek en CD-ROM), en aan de publicatie Edward Vanhoutte (red.), Talig Erfgoed. De Zuidelijke Nederlanden in de 14de eeuw. (Gent: KANTL (CTB), 2002).

De publicatie van de editie van het volledige dichtwerk van Richard Minne, In duizenden varianten, door dr. Yves T'Sjoen, werd door het CTB in 2002 gefinancierd. De editie verschijnt in 2003.

Verschillende publicaties werden voorbereid voor publicatie in 2003.

Daarnaast besteedden kranten, radio en televisie in verscheidene interviews aandacht aan de wetenschappelijke werking van het CTB.

4.2. Colloquia en studiedagen

De medewerkers van het CTB waren geregeld aanwezig op (inter)nationale colloquia en studiedagen, veelal met een paper of lezing.

Zelf participeerde het CTB in de organisatie van de volgende colloquia en studiedagen:

4.3. Seminars in Electronic Editing

Het CTB startte op 6 september 2002 met een eerste van een occasionele serie Seminars in Electronic Editing waarop (inter)nationale sprekers lezingen en demonstraties geven. De seminars zijn vrij toegankelijk en vinden plaats in het gebouw van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Info: <http://www.kantl.be/ctb/seminar/>

4.4. Workshop

Op vraag van het Vlaams Fonds voor de Letteren organiseerde het CTB op 2 november 2002 op de Boekenbeurs voor Vlaanderen een workshop rond het uitgeven van correspondentiemateriaal. De workshop werd druk bijgewoond, vooral door bestuursleden van auteursgenootschappen.

4.5. Onderzoeksverblijven

Van 01/06/2002 tot 07/07/2002 verbleef Edward Vanhoutte als gastonderzoeker aan de Wittgenstein Archives van de University of Bergen (Noorwegen) voor onderzoek getiteld: Genetic encoding of modern manuscript texts: problems of time and overlapping hierarchies. Hiervoor kreeg hij een Europese onderzoeksbeurs (5th Framework Programme Improving the Human Research Potential and the Socio-economic Base: Access to Research Infrastructures (ARI)).

4.6. Onderwijs

De coördinator heeft een onbezoldigde aanstelling als buitengewoon universitair lesgever (BAP) aan het departement Germaanse Taal- en Letterkunde van de Universiteit Antwerpen (UIA) waar hij in 2002 de volgende vakken doceerde:

De coördinator verzorgde ook gastcolleges aan Rhodes University (Zuid-Afrika), en de Universiteit van Bergen (Noorwegen).

4.7. CTB Prijs voor Teksteditie 2002

Op 4 december 2002 werd de CTB Prijs voor Teksteditie 2002 uitgereikt aan Nele Bemong voor haar eindverhandeling De Briefwisseling tussen Stijn Streuvels (1871-1969) en Joris Lannoo (1891-1971) uit 1925. De jury bestond uit Jean Weisgerber (voorzitter), Yves T'Sjoen en Edward Vanhoutte. De jury was unaniem in haar oordeel en prees zowel de lijvige en complete editie van 72 brieven die aangeleverd werd in de vorm van een nauwgezette leeseditie en uiterst zorgvuldig opgestelde annotaties, als de literair-historische interpretatie en contextualisering van het materiaal dat in een 70 pagina's tellend hoofdstuk werd gegeven: "Op die manier krijgt de lezer niet alleen een goed inzicht in het ontstaans- en drukproces van bijvoorbeeld De teleurgang van den Waterhoek, of de perikelen rond de uitgave van Gezelles werken. Met dit hoofdstuk toont mevrouw Bemong ook meteen aan waarom de uitgave van dergelijke deelcorrespondenties zo belangrijk is voor de studie en kennis van het literaire verleden. De jury is van oordeel dat deze editie uitmunt in nauwgezetheid, volledigheid en kwaliteit, en bekroont de auteur met de CTB Prijs voor Teksteditie 2002." Het volledige juryrapport kan nagelezen worden op: <http://www.kantl.be/ctb/prijs/jv02.htm>.

4.8. Samenwerking

Het CTB werkte in 2002 samen met:

5. Publiekswerking

5.1. Website

Het dagelijkse contact met de buitenwereld gebeurt via de website van het CTB die in 2002 gevoelig werd uitgebreid. De bezoeker kan op de website informatie vinden in 11 grote rubrieken:

5.2. Evenementen

Het CTB organiseerde de volgende evenementen in 2002:

Een kalender van de activiteiten van het CTB wordt bijgehouden op: <http://www.kantl.be/ctb/event/>.

6. Administratieve werking

6.1. Personeel

In het werkjaar 2001-2002 (01/01/2002-30/09/02) telde het CTB 5 voltijdse en 2 halftijdse wetenschappelijke medewerk(st)ers en 1 voltijdse administratief medewerkster. Vanaf 1 augustus kwam daar een voltijds wetenschappelijk medewerker bij. In de tussenperiode (01/10/02-31/12/02) liep het personeelsbestand terug tot 4 voltijdse en 1 halftijdse wetenschappelijk medewerk(st)ers en 1 voltijdse administratief medewerkster.

6.2. Communicatie

De interne communicatie tussen de coördinator en de medewerkers, promotores en leden van de adviescommissie (GCTB) wordt sinds december 2001 geregeld via omzendmails die regelmatig worden verstuurd. Daarnaast bezocht de coördinator elk project ten minste vier maal (trimestrieel). De externe communicatie verloopt via de website van het CTB <http://www.kantl.be/ctb/>, gerichte mailings, aankondigingen op Neder-L en via de pers.

6.3. Secretariaat

Naast de dagelijkse administratie van het CTB en de administratieve ondersteuning en promotie van de projecten en de werking van het CTB, werd er door de administratief medewerkster Cindy Holtyzer ook actief meegewerkt aan de realisatie van o.a. de tekstkritische editie van De Leeuw van Vlaenderen, en de transcriptie van de brieven van Herman De Coninck.

Een onevenredig aantal werkuren werd door de coördinator en de administratieve kracht van het CTB, de vaste secretaris en het administratief personeel van de KANTL (vooral Marijke De Wit en Luc Bauwens) besteed aan moeilijkheden rond de financiering van het CTB en het ontvangen van de toegezegde subsidies.



Edward Vanhoutte
Coördinator CTB


XHTML auteur: Edward Vanhoutte
Last revision: 18/03/2003


Valid XHTML 1.0!