logo CTB Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (KANTL)
Koningstraat 18
b-9000 Gent
Belgium
email: ctb@kantl.be
tel: +32 (0)9 265 93 50
fax: +32 (0)9 265 93 49

De medewerkers van het CTB rapporteren over de vooruitgang van hun wetenschappelijke projecten in nationale en internationale tijdschriften en zijn frequente sprekers op (inter)nationale colloquia.

[Volledige publicatielijst CTB] [On-line publicaties] [Tekstedities en Uitgaven]

Met Kwabbes en Droes naar de kabberdoes

Correspondentie omtrent Van Nu en Straks

Bert Van Raemdonck

bert.vanraemdonck@kantl.be

'We zullen harten ontleden, breinen opensnijden, karaktertrekken bemerken, sceptiek zijn [...] en ons van tijd tot tijd "e' stuk in ons kluute" lappen. Heb je wat nieuws gevonden om me te laten zien (schipperskwartieren, bakken, kabberdoezen, enz.)?' Aan het woord is iemand die in zijn latere leven senator, hoogleraar en rector zou worden. Begin 1891 echter was de toen achttienjarige August Vermeylen nog een volbloed anarchist.

Op 31 januari van dat jaar organiseerde de Antwerpse afdeling van het Taalverbond een feestelijk banket. Brusselaar August Vermeylen had zich door zijn Antwerpse vriend Emmanuel de Bom laten overhalen om er samen naartoe te gaan. De Bom zou hem na afloop enkele 'prachtige dingen' laten zien, waaronder een Slavische Schoonheid o.a. in the Music Hall, aan 't Schipperskwartier. 'k Zou haar echter eerst willen probeeren.'

Vermeylen en De Bom hadden zin om keet te schoppen en waren niet van plan om daarvoor het einde van het banket af te wachten. Zo kwamen ze op het idee om tijdens de bijeenkomst een satirische sketch op te voeren om de brave, burgerlijke gasten — in het toenmalige jargon: de 'philisters' — even uit hun gedommel te doen opveren. Amper vijf dagen voor het feest liet De Bom weten dat hij eindelijk begonnen was met het schrijven van een 'lyrisch drama in 2 schuifkens en 1 proloog', getiteld Twee doctoren. Vermeylen moest hem een 'symfonisch monodrama' bezorgen, dat De Bom dan wel ergens tussen zijn eigen tekst zou inlassen. Zijn broer Joris ('Zors') vroeg hij een muziekje te componeren dat als intermezzo kon dienen. De Bom zelf had alvast een proloog geschreven, 'te reciteeren door een acteur met 4 oogen'. Daarin ontmoeten ene doctor Diets en ene doctor Van Mane elkaar op de dag dat de Gentse Academie zal vergaderen. In het vervolg van de tekst zouden ze samen in een 'stammeneeke' belanden, een paar glazen (te veel) drinken en enkele actuele 'letterkundige toestanden' bespreken, om ten slotte samen de nacht in te waggelen.

Van Mane en Diets waren de alter ego's van twee figuren uit de Vlaamse literaire wereld. Terwijl Van Mane een karikatuur was van de flamingantische schrijver Emmanuel Hiel, leek Van Diets verdacht veel op Constant J. Hansen, de Antwerpse bibliothecaris, dichter en vurig bepleiter van de Aldietse beweging. De Bom moet al een poosje van plan zijn geweest hen in hun hemd te zetten, want al op 11 september 1890 schreef Vermeylen hem: 'Het idee een farce te maken, samen, om H[ansen] en H[ie]l af te maken, is uitmuntend, en vervult mij met geestdrift. Dát kon alleen in uw'n genialen schedel ontstaan!' Niet alleen de personages waren 'Twee Doctoren', dat gold ook voor de (fictieve) auteurs van het komische stuk. De Bom en Vermeylen schreven en vertolkten het immers niet onder hun eigen naam, maar als dr. Kwabbes en dr. Kees Droes, pseudoniemen die ze eerder al eens hadden gebruikt voor hun bijdragen aan Ons Tooneel, het theaterweekblad waarvan ze samen met Lodewijk Krinkels de redactie uitmaakten.

Op 29 januari 1891 was de tekst voor Twee doctoren klaar. De Bom was enthousiast over het 'monodrama' van Vermeylen: 'Ge zijt in mijn lijf! — Uw stuk is heelemaal in den toon. We zullen lachen.' Hoe en wanneer hij zijn eigen deel van het verhaal had geschreven, is een raadsel. De Boms interesse voor Clara Gaesch, de 'Slavische Schoonheid' die hij enkele dagen eerder had leren kennen, had ondertussen namelijk flinke proporties aangenomen, en hij liet geen gelegenheid om bij haar te zijn onbenut. De Bom was verliefd. Tot zijn immense vreugde kon hij Vermeylen net voor het banket een doorbraak melden: ''t Was de eerste maal — 'k ben er nu 3–4 maal geweest — dat ik met haar gesproken en dat ik haar, om te beginnen, gekust heb. Heerlijk, Gust, heerlijk!' De Boms infatuatie voor de bedwelmende Clara zou hem de komende maanden en zelfs jaren helemaal opslokken. Toen ze in 1895 aan een longontsteking overleed, zat de goedhartige De Bom emotioneel en financieel compleet aan de grond. Clara Gaesch en al haar schoonheid hadden daar minstens gedeeltelijk schuld aan.

Het Letterenhuis bewaart het deel van Twee doctoren dat door Emmanuel de Bom werd geschreven; Vermeylens bijdrage is helaas verloren gegaan. Het stuk was uiteindelijk een 'Academische Hanzerij in éen schuifken en éen prologe' geworden, 'uytghebeldt' en 'ghespeldt' door dr. Van Mane ('eerste onsterfelijke') en dr. Diets ('tweede onsterfelijke'). De Bom had er een scherpe parodie van gemaakt. Het personage Diets (alias Constant Hansen) kon behalve over de Aldietse beweging alleen over zichzelf praten, en ook Van Mane (oftewel Hiel) werd bepaald niet als een groot licht geportretteerd. Deze 'woordenhutselaar' kijkt in de sketch wel heel graag lang en diep in het glas. Naar het einde toe wordt Twee doctoren steeds hilarischer. In het slottafereel verlaat het dronken duo samen de kroeg. Uit angst herkend te worden stelt Diets voor om luidkeels iets te zingen, opdat de mensen op de straat hen voor 'zatte socialisten' zouden houden. Van Mane vindt dat een uitstekend idee en samen zingen ze: 'Wij zijn gezworen kameraden / Wij zullen malkanderen niet verraden / Wij gaan van hier / Het ’t nakroost zal nog proesten met ons vader!'

Enkele uren voor het banket zou beginnen, spraken De Bom en Vermeylen af aan het station om samen naar het huis van Joris de Bom te gaan, zodat ze hun sketch samen aan de piano konden oefenen. 's Avonds verrasten ze vriend en vijand met hun satirische interventie.

Jaren later, in 1932, werd aan Vermeylen een Gedenkboek aangeboden naar aanleiding van diens zestigste verjaardag. In zijn bijdrage bracht Emmanuel de Bom de opvoering van Twee doctoren ter herinnering: 'De knuppelverzen waren op één nacht door mij gebaard, Vermeylen had voor zijn deel een grandioze parodie, getiteld Symphonisch Monodrama [...] dat hij met verbijsterende droog–komieke verve voordroeg; mijn broer Joris improviseerde de begeleiding aan de piano. Peter Benoit, die met [Julius] de Geyter en [Max] Rooses, [Frans] Gittens, [Emmanuel] Rosseels, en natuurlijk Pol de Mont (die pret had!) onder de tafelgasten was, heeft op zeker oogenblik, zoetjes berispend, zijn wijsvinger naar ons opgeheven... Wij meenden 't waarachtig niet zóo kwaad.'

De Bom onthulde in het Gedenkboek ook dat Vermeylen het die avond nog bonter had gemaakt, door aan de gasten op nogal 'studentikoos–drastische wijze' uit de doeken te doen waarover La Princesse Madeleine, het recentste toneelstuk van Maurice Maeterlinck, handelde. Hij beschreef alle personages en ontdeed zich daarbij telkens van een kledingstuk. 'Men zag het oogenblik naderen, dat hij zich, ten behoeve van Maeterlinck, Adamisch ging vertoonen. Gelukkig moest hij, bij de elkaar opvolgende sterfgevallen, gaandeweg al die kleedingstukken weer aantrekken.'

Vermeylen en De Bom hebben ook later die januarinacht de bloemetjes buiten gezet. Na het banket gingen ze naar het Falconplein, waar De Bom hoopte zijn Clara aan te treffen om haar aan Vermeylen voor te stellen. Zij zat echter met 'een dikzak' opgescheept, waardoor ze haar niet konden spreken. De heren moesten die avond elders hun geluk zoeken.

Twee jaar later, in maart 1893, verscheen het eerste nummer van Van Nu en Straks, het legendarische tijdschrift dat August Vermeylen en Emmanuel de Bom samen met enkele geestesgenoten in het leven hadden geroepen. De massale correspondentie die de redacteurs van dat tijdschrift met elkaar en anderen voerden, wordt de komende jaren in een grote en overzichtelijke elektronische editie samengebracht. Zo'n elektronisch brievencorpus zal een schat aan informatie, kleine en grote weetjes, over Van Nu en Straks opleveren. Het is ook de ideale gelegenheid om curieuze teksten, zoals die over de Twee doctoren, eindelijk onder het stof vandaan te halen en dankzij het internet thuis op uw scherm te toveren. Daar kan geen Slavische schoonheid tegenop.



© 2007 Bert Van Raemdonck & CTB

Deze tekst verscheen als Bert Van Raemdonck. 'Met Kwabbes en Droes naar de kabberdoes. Correspondentie omtrent Van Nu en Straks' in Zuurvrij. Berichten uit het AMVC-Letterenhuis, 12 (juni 2007), p. 6-13.


XHTML auteur: Bert Van Raemdonck
Last revision: 4/02/2008


Valid XHTML 1.0!