Zoek de mens. Het archief van het Nieuw Vlaams Tijdschrift
Bert Van Raemdonck
bvraemdo@hotmail.com10 januari 1945. August Vermeylen brengt 's morgens een paar correcties aan in een artikel dat hij had geschreven voor Diogenes, het nieuwe algemene tijdschrift dat hij wou maken. Rond de middag begroet hij door het raam zijn nichtjes die van school komen. Kort daarna is hij dood.
"Waarschijnlijk door de koude getroffen heeft het hart hem verlaten", schrijft zoon Piet Vermeylen tien dagen later in een brief aan Herman Teirlinck. Die kan de leiding over het tijdschrift van zijn overleden vriend niet weigeren, maar verandert wel de opzet ervan. Omringd met de crème de la crème van de Vlaamse letteren maakt hij een blad dat vrijwel uitsluitend literair is, onder de neutralere naam Nieuw Vlaamsch Tijdschrift. Alleen de rubriek 'Zoek de mens' herinnert nog aan Vermeylens plannen.
Sinds 1 oktober 2000 staat het brievenarchief van het NVT (1946-1983) in al zijn glorie uitgestald op de derde verdieping van het AMVC, netjes geklasseerd in 38 mappen. Samen verzamelen die mappen 15.000 brieven. Met het Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie maakt het AMVC werk van de ontsluiting van het NVT-archief. In de correspondentie van het tijdschrift zitten pareltjes verborgen en dat mogen we eindelijk weten.
Een blik in het archief levert interessante vondsten op. Met de indrukwekkende lijst redactieleden in het achterhoofd hoeft dat ook niet te verwonderen. Al vanaf het begin waren Herman Teirlinck en redactiesecretaris Hubert Lampo omringd met goed volk: onder anderen Johan Daisne, Gerard Walschap en Maurice Gilliams kregen later het gezelschap van Ivo Michiels, Hugo Claus, Paul de Wispelaere en een hele reeks andere prominenten uit het Vlaamse literaire leven. Over de voorpublicatie van klassiekers als Het boek van Joachim van Babylon (Marnix Gijsen), De komst van Joachim Stiller (Hubert Lampo) en Menuet (Louis Paul Boon) werd onderling en met de betrokken auteurs druk heen en weer gecorrespondeerd. De brieven puilen dan ook uit van de kleine en grotere weetjes voor editeurs, literatuurwetenschappers en biografen, maar ook de gewone liefhebber zal soms met rode oortjes de brieven lezen.
De volledige correspondentie wordt in een eerste fase in detail online geïnventariseerd in Agrippa. 7000 NVT-brieven zijn al aan die elektronische catalogus toegevoegd. Via het internet is het daardoor nu ook thuis mogelijk in luttele seconden alles te weten te komen over de briefwisseling van een auteur naar keuze. In de tweede fase van het project worden niet alleen de lacunes in het archief opgevuld, maar wordt het archief ook inhoudelijk bestudeerd, om uiteindelijk te resulteren in een kroniek van het tijdschrift. Door overleg met bevoorrechte getuigen en onderzoek van de persoonlijke archieven van redacteurs kunnen daarin allerlei interessante literair-historische verhalen en de rol van bepaalde vooraanstaande auteurs daarin worden belicht. Mogelijkheden genoeg in een nog onontgonnen goudmijn.
De ontsluiting van het NVT-archief betekent een belangrijk vertrekpunt voor de studie van de literaire tijdschriften in Vlaanderen.
© Bert Van Raemdock & CTB
Deze tekst verscheen als Bert Van Raemdonck. 'Zoek de mens. Het archief van het Nieuw Vlaams Tijdschrift.' in: Zuurvrij. Berichten uit het AMVC-Letterenhuis, 1 (december 2001), p. 30-32.
XHTML auteur: Edward Vanhoutte
Last revision: 20/10/2003